Ga naar de inhoud

Vertrouwdheid

  • door

(Door Hanny Röhm, 4-3-26)

Vorige week was ik even op en neer naar familie in Duitsland. Er zijn van die momenten, waarop je elkaar als familie opzoekt. En dan zie je elkaar weer. Een tante en oom, nichten en neven bij wie je vroeger op bezoek ging, logeerde. Jaren lang heb je elkaar jaren niet gezien en meteen voelt het weer vertrouwd. Dat gevoel dat je bij elkaar hoort.

Ik moest denken aan een andere vorm van familie. In de bijbel wordt er over gelovigen gesproken als kinderen van God. We hebben een gemeenschappelijke Vader. We maken deel uit van eenzelfde lichaam. We horen bij elkaar. Iets in je DNA is hetzelfde als van degene die dat DNA ook in zichzelf herkent. Niet letterlijk in je DNA, het is niet met meetinstrumenten te verifiëren. En toch kan het onmiskenbaar zijn.

Je kunt in elkaar iets van een gelijke gezindheid ontdekken. Je ervaart een bepaalde vertrouwdheid, zelfs als je elkaar niet kent. Paulus roept de gelovigen in Fil. 2:5-8 op zich de gezindheid van Christus eigen te maken, en die heersend te laten zijn. Is dat het wat we in elkaar herkennen?

“Hij werd gelijk aan een mens”, schrijft Paulus over Jezus. Hij wilde de minste zijn. En daarvoor nam Hij het menselijke DNA aan. Hij wilde op ons lijken, met alles erop en eraan. Inclusief lijden en dood. In ons lijden en in onze dood wilde Jezus met ons vertrouwd zijn. En wilde Hij dat wij Hem als vertrouwde broeder zouden kunnen ontmoeten. Een ontmoeting die bevrijding brengt. Maar ook een ontmoeting die niet op Zichzelf staat. Het is niet zo dat Jezus ons bevrijdt van lijden en dood en dat wij dan gered zijn. En dat was het dan, punt. Nee, die gezindheid van Christus, van mens willen zijn in alles wat dat betekent en de minste willen zijn, die kunnen we alleen in gemeenschap inoefenen. Die gezindheid is niet gericht op ons eigen welbevinden. Juist niet. Die gezindheid is een dienstbare gerichtheid, gericht op anderen.

Ik wens ons in deze veertigdagentijd het verlangen om die gezindheid van Christus ons eigen te maken, en om die gezindheid ook in anderen te willen herkennen. Dat we onder elkaar vertrouwdheid mogen ervaren. Vertrouwdheid die ons in Christus tegemoet komt, en die we tegelijkertijd ook zelf waar mogen maken. Gezegende dagen!