door Anja Timmerman

De Sint Nicolaas Basiliek in IJsselstein

Het is al meer dan twee jaar geleden dat we met ons koor, de Utrechtse Oratorium Vereniging op het podium mochten staan. Een groot gemis als je van zingen houdt zoals ik. Het toewerken naar een concert, het samenspel met orkest en solisten, het zingen voor publiek, het zingen van oudere en soms wat minder oudere oratoria. Het is geweldig, inspirerend en ontroerend. Dat hebben we dus jaren moeten missen. En ons publiek evenzeer. Maar dit jaar kon het weer gelukkig. Omdat de ons vertrouwde Aloysiuskerk in Utrecht Oost vanwege stormschade tijdelijk niet beschikbaar was, moesten we kort van tevoren uitwijken naar een andere locatie buiten de stad, de Sint Nicolaas Basiliek in IJsselstein. Een machtige kerk met een fraaie akoestiek. Een mooie locatie voor de Johannes Passion.

En daar stonden we dan weer, vrijdag 8 april 2022. In een iets kleinere bezetting dan gewoonlijk want kort van tevoren hadden we ook nog een Corona-uitbraak in het koor. En ja, het was wederom geweldig, inspirerend en ontroerend: het machtige openingskoor ‘Herr, unser Herrscher, dessen Ruhm in allen Landen herrlich ist’, de koralen zoals het krachtige ‘Dein Will gescheh, Herr Gott zugleich, auf Erden, wie im Himmelreich, gib uns Geduld in Leidenszeit, gehorsam sein in Lieb und Leid, wehr und steur allem Fleisch und Blut, das wider deinen Willen tut.’ Ik kijk nog eens naar mijn aantekeningen in de partituur… Het ‘Bist du nicht seiner Jünger einer’, waarna Petrus zijn Heer verloochent, moeten we zacht en nieuwsgierig zingen. ‘Wir dürfen niemand töten’ zeggen de Joden tegen Pilatus… ‘Een beetje bang’, heb ik erbij gezet. ‘Sei gegrüsset, lieber Judenkönig’ (spottend, maar niet luid, schoon gezongen, een walsje).

De Johannes Passion wordt vaak vergeleken met de Matthaüs Passion. Ik zing ze beide graag in de Passietijd. In muzikaal opzicht is de Johannes feller van toon. Het begint met een krachtige Heer in plaats van de lijdende Jezus in het droevige openingskoor uit de Matthaüs ‘Kommt ihr Töchter, helft mir klagen’. In de Johannes ligt het accent ook minder op het lijden van Jezus. Jezus is hier de krachtige persoonlijkheid met een boodschap terwijl in de Matthaüs het accent op het offerlam ligt. En de Johannes eindigt met een troostrijke koraal met een belofte voor de toekomst. De dood heeft niet het laatste woord.

Eerst vond ik dat jammer, een koraal als slot, een soort anticlimax. Ik was het grootse slotkoor van de Matthaüs gewend: ‘Wir setzen uns mit Tränen nieder’. Hoe herkenbaar, hoe voelbaar. Het verdriet om het sterven van Jezus. Hoeveel tranen kunnen er dan vloeien. Toch kon ik dit slotkoor altijd voluit en zonder tranen zingen.

Dat lukte me dit jaar bij het slotkoraal van de Johannes Passion niet:

Ach Herr lass dein lieb Engelein
am letzten End die Seele mein
in Abrahams Schoss tragen,
dein Leib in sein Schlafkämmerlein
gar sanft ohn einge Qual und Pein
ruhn bis am jüngsten Tage!
Alsdenn vom Tod erwecke mich,
dass meine Augen sehen dich
in aller Freud, o Gottes Sohn
Mein Heiland und Genadentrohn!
Herr Jesu Christ,
Erhöre mich, erhöre mich,
ich will dich preisen ewiglich!

(Vertaling van de laatste regels:
‘… opdat mijn ogen u mogen zien, in alle vreugde, o Zoon van God, mijn Heiland en genadetroon!
Heer Jezus Christus, verhoor mij, verhoor mij, ik zal u eeuwig prijzen!’)

Het gebeurde al bij de Generale Repetitie, tranen in de partituur. Bij de uitvoering gaat het wel goed, dacht ik…. Maar nee, ook bij de uitvoering overvielen de tranen me. De Johannes raakt me. Ich setzte mich mit Tränen nieder bij het ‘Erhöre mich, erhöre mich, ich will dich preisen ewiglich!

Anja Timmerman (alt)

2 reacties op “Ich will Dich preisen ewiglich”

  1. Wat prachtig, Anja! Ik zit hier al met een.dikke keel…..zou niet kunnen zingen van ontroering. Het raakt me zo….vooral in deze ( oorlogs)tijd! Dank je!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.